Misschien wel de mooiste boottocht ter wereld?

The Inside Passage

Dick en Els

In het vorige nummer van de Fietskoerier verlieten we jullie met de vraag op welke manier we vanuit Alaska naar Europa terug zouden keren. Via Japan (waar we Emi & Koji en Macki en Junko weer zouden kunnen ontmoeten), met de TransSiberie Express via Moskou (en dan fietsend door Polen naar Nederland), over de heuvels en langs de pubs in Schotland, Wales en Ierland of met de Inside Passage langs de kust van Alaska naar Vancouver en daarna met een vlieger naar Europa.
"Was het niet leuker geweest wanneer de lezers zouden bepalen opwelke manier jullie naar huis komen?" wilde iemand weten.

Nee.Want dan hadden we naar Wladiwostok moeten vliegen om met die suffe TransSiberie Express te moeten (heel verrassend te lezen hoe verreweg de meeste inzenders dachten dat wij het leuk zouden vinden om een week lang vanuit een bedompte trein naar de voorbijglijdende steppes te kijken...).
Japan stond hoog op ons verlanglijstje. Een vliegticket van Anchorage naar Tokyo viel ook prima binnen onze plannen. Maar toen we gingen informeren naar het vervolg... een ticket van Tokyo naar West Europa... toen bleek al snel dat we een andere manier moesten zoeken om thuis te komen.
De optie om via Schotland en Ierland te reizen leek aardig.
Maar die landen zijn vanuit Nederland zodichtbij dat we dat altijd nog kunnen doen. Bovendien is het Verenigd Koninkrijk zo conservatief dat het de eerstvolgende veertig jaar niet echt veel zal veranderen.
Het werd dus Alaska.
Ook omdat we het in dit deel van de wereld ontzettend naar onze zin hebben gehad.
Sinds Yellowstone National Park (half mei) fietsen we inmiddels door een ononderbroken natuurpark. De bergen zijn er mooier dan waar ook, de vergezichten wijdser en de bomen groter, hoger en groener. Achter iedere bocht in de weg kun je een dier verwachten, het rivierwater kun je ongefilterd drinken en overal kun je ongestoord wild kamperen.
En de mensen?
Nergens ter wereld vind je zulke aardige, gastvrije, open, hartelijke en warme mensen als in de Verenigde Staten en Canada.
Nergens.
Dus... verlieten we op 11 augustus j.l. North Pole om over de Richardson Highway naar Valdez te fietsen. Eenmaal daar zouden we een ferry nemen naar Juneau en van daar (een week later) naar Tenakee Springs, een dorpje van 105 inwoners op Chickoff Island, acht uur varen van Juneau.
Eerder dit jaar, ergens begin maart, waren we door Roger Lewis en Leba Shaw uitgenodigd naar hun dorp te komen , toen we hen ontmoetten in Ocotillo, in de woestijn van Zuid California.
We gingen naar Tenakee met het idee er een rustige, kalme, luierende week vakantie te vieren.
Een soort van beloning na onze inspanningen op de Cassiar-, Alaska-, Elliott- en Dalton Higway.
Een soort beloning na al onze ontberingen.
Niks doen.
Zitten.
Liggen.
Beetje lezen.
Beetje badderen.
Beetje schrijven.
Dat dat anders zou lopen konden we op die11e augustus nog niet vermoeden
Het begon al we North Pole twee dagen achter ons hadden liggen. Daar bleek de Richardson Highway minder eenvoudig dan we hadden ingeschat. De wind bleek ons meedogenloos hard in het gezicht te blazen en ook de heuvels waren lastiger dan verwacht. Ondanks dat we opnieuw zwaar moesten afzien bleek er ook hier genoeg te genieten. Voor het eerst in ons leven zagen we zalmen paaien. Prachtige dieprood gekleurde Sockeye Salmon. We passeerden historische goudzoekersdorpjes als Copper Center en kwamen uiteindelijk na tien dagen trappen in Valdez aan. Juist op het hoogtepunt van het Coho-seizoen.
Daar wachtten we twee dagen op de Kennicott...

Dick en Els
Copper Center, een historisch dorp op het traject van de Klondike Goldrush. Hier was het waar de stampeders, nadat ze eindelijk de Valdez gletcher over waren, met een nog groter obstakel geconfronteerd werden... de Klutina River. De meesten keerden hier om... goudzoekers werden thuiszoekers. Van degenen die bleven kwam maar een klein aantal in Dawson City. Velen stierven onderweg door uitputting, aan scheurbuik of door bevriezing.

Dick en Els
De historische lodge in Copper Center is nu een hotel. Een paar andere gebouwen zijn ingericht als museum en de rest is ten prooi gevallen aan de meedogenloze winters.

Dick en Els
In kleine stukjes klimmen we langzaam een vallei uit. De begroeiing verandert per meter.Bomen worden dunner en uiteindelijk verdwijnen de dennen als eerste. We naderen Thompson's Pass. Boven ons zien we de reusachtige klompen lichtblauw ijs van de gletschers tussen de bergen hangen. Het is koud en onaangenaam weer..

Dick en Els
Op een weggetje naast een van de kreken vinden we een aardige plek voor de tent. In het riviertje dat langs ons plekje stroomt zwemmen Sockeye zalmen zo rood als goudvissen, als Koi-karpers.
Hun hele lijf is Ferrarirood. Er zit geen zilver plekje meer op. De kop is groen met gele en zwarte vlekken en de bekken zijn helemaal vergroeid. Ze lijken in niets meer op zalmen zoals wij ze kennen.

Dick en Els
Er drijven zoveel dode en halfdode zalmen dat de meeuwen er niet eens meer naar kijken. Overal hangt een doordringende stank van rottende vis.

Dick en Els
Het is de piek van het zalmseizoen. In de baai voor Valdez dobberen honderden sportvisbootjes en de campings en RV-parken worden de vissen (Coho's - Silver salmon in dit geval) aan de lopende band gefileerd.

Dick en Els
De Kennicott maakt zich van de kade los, maakt een halve draai en zet langzaam koers richting open zee. We verlaten Valdez en zetten koers naar Juneau, de hoofdstad van Ala ska. Vanuit die stad willen we, met een andere veerboot, naar onze vrienden Roger en Leba in Tenakee Springs.